Een bestand dat niet verstuurd wordt of een bericht dat bounce’t: bijlagen zijn een veelvoorkomende bron van e-mailproblemen.
Waarom er een grens is
Elke mailserver stelt een maximum in, meestal tussen 20 en 50 MB. Maar er is een addertje: bijlagen worden voor verzending gecodeerd, waardoor ze ongeveer een derde gróter worden. Een bestand van 20 MB telt dus als bijna 27 MB.
Bovendien geldt niet alleen úw limiet, maar ook die van de ontvanger. Is die strenger, dan komt uw bericht alsnog niet aan.
De foutmelding herkennen
Bij een te grote bijlage krijgt u meestal een bounce met code 552, met een tekst over de berichtgrootte.
Wat u beter doet bij grote bestanden
Gebruik een deellink in plaats van een bijlage. Zet het bestand in een clouddienst of op uw eigen server en stuur de link mee. Dat werkt altijd, ongeacht limieten, en het scheelt opslagruimte bij u en bij de ontvanger.
Voor een reeks foto’s: comprimeer ze eerst of verklein de afmetingen. Foto’s rechtstreeks uit een telefoon zijn onnodig groot voor het scherm.
Denk aan uw eigen ruimte
Verzonden bijlagen blijven in uw map Verzonden staan en tellen mee voor uw mailboxruimte. Bij een volle mailbox is dat vaak precies waar de ruimte in zit.